Deodorant 13.06.
Ongeveer drie maanden terug had ik een bijzonder moment; ik zag een ster vallen. Naïef als ik was, dacht ik dat het een ster zonder evenwichtsgevoel was. Wie weet was het een vliegtuig of de zaklamp van Here Jezus, zoals de ‘half-zus’ van het bijzonderste meisje van deze wereld ooit zei.
In ieder geval mocht ik een wens doen, vond ik zelf. Toen ik klein was, heb ik ooit eens gewenst dat ik de Turtles (vier lopende schilpadden met een strikje) wilde ontmoeten. Helaas is die wens nooit uitgekomen, dus 12 weken terug stond ik een beetje sceptisch tegenover het werkwoord ‘wensen’.
Maar goed, wie niet waagt, wie niet wint; is het niet? Uiteindelijk sloot ik mijn ogen en mompelde dat een ‘blondine met schitterende hemelse ogen gelukkig moest worden, niet voor mij, maar voor haar’. Nobel? Sociaal? Lief? Niets van dat alles, vrees ik. ’s Avonds in mijn bed sloot ik mijn ogen voor de tweede maal die dag en hoopte dat de Heer zijn lamp voor een aantal luttele seconden op mij zou schijnen. ‘Alstublieft, sluit mij in bij het WLG-geluksplan’.
Daar ben ik inderdaad weer: de stomme egoïstische vlerk van een Stefan. Natuurlijk is niemand perfect, maar ik kan het wel erg bont maken. Ik ben harig, mijn tanden worden steeds geler en waar vroeger mijn borstspieren een vrij solide borstkas verzorgden, hangen nu twee zachte kwabben. Tot slot heb ik nog een klap op de vuurpijl achter de hand; de spreekwoordelijke druppel die de emmer doet overlopen: ik beschik over de verschrikkelijke kunst van het kwetsen en teleurstellen.
Vreemd genoeg kwam mijn wens uit en veranderde ik van een stinkende vlerk, naar de gelukkigste stinkende vlerk die op deze aardbol paradeert. En dat doordat drie simpele woorden uit de zachtste lippen die ik ken kwamen rollen: ‘Ja, ik wil’.
Ondanks mijn niet-te-stoppende geluksgrijns, bezit ik klaarblijkelijk nog steeds die onfris-ruikende kunst van het kwetsen. ‘Sorry’ maakt niets goed, maar hopelijk werkt deze tekst toch een beetje als anti-kwets deodorant. Al is het maar voor een klein beetje, hopelijk is het goed genoeg. Dan kun je de volgende zeer complexe woorden in ieder geval accepteren en geloven: Ik houd zielsveel van je…
Klinkt het allemaal ietwat cliché? Mijn journalistiek leraar zegt altijd dat je niet om de feiten heen moet draaien. Mijn liefde is een feit!
Schat, vergeef deze gelukkige vlerk…